Curaçaose "Kolebra".

 

Lokale naam: Kolebra
Nederlandse naam: Curaçaose slang

   
Kenmerken:
Een kleine slang met een lengte van iets meer dan 100 cm. Ze hebben een grijsbruine kleur met drie lichtbruine strepen op hun rug en twee strepen op hun staart. Hun huid is bedekt met schubben die zoals dakpannen netjes gerordend zijn. Aan de buitenkant van zijn gesloten bek is er een kleine opening te zien, waarbij telkens zijn gespleten tong doorheen komt. De Curaçaose slang is een reptiel.
 
Levensmilieu:
In bossen met hoge vocht percentage. Dus waar grote bomen en/of waterplassen zijn te vinden.
 
Bijzonderheden:

Een slang heeft geen oor maar trillingsgevoelige organen.

Met zijn gespleten tong nemen zij bewegingen waar, die hen in staat stelt te ruiken en te proeven.

Wanneer slangen groeien, vervellen ze. Afhankelijk van hun leeftijd, gebeurt dit een paar maal per jaar! Vaak wordt deze witte vel langs bomen of stenen in de bos gevonden.

 
Nest:

Het vrouwtje zoekt een veilige, warme, en vochtige plaats nl. onder een omgevallen boomstam of grote stenen om zijn lange witte eieren te leggen. Een groot aantal eieren worden gelegd, om de kans van succes te vergroten. De eieren worden met behulp van de zon uitgebroedt. Wanneer de kleintjes uitkomen dienen zij meteen op hun zelf te passen.

 
Voedsel: Ze hebben een afwisselend menu. Ze lusten hagedissen, kikkers, muizen en kakkerlakken. Hij draait met zijn lichaam om zijn prooi en wurgt deze. Slangen hebben geen tanden en kunnen dus niet kauwen, rede waarom ze hun voedsel helemaal naar binnen slikken. De kop gaat altijd eerst naar binnen!  

 

Startpagina

Fauna

Flora

Cultuur

Fotogallerij

Literatuur

Woordenlijst

Nieuws

Vorige blz.Volgende blz.

Sponsored by: